SN4 of SN8: welke PVC-rioolbuis kies je voor buiten?
Wat betekenen SN4 en SN8 bij een PVC-rioolbuis voor buiten? Uitleg over ringstijfheid in kN/m², wanddikte, KOMO, kleur en wanneer je voor SN8 kiest.
· 6 minuten lezen
SN staat voor de ringstijfheid van een rioolbuis: hoeveel kracht nodig is om de buis een klein stukje in te drukken. Een SN8-buis heeft een ringstijfheid van minstens 8 kN/m², een SN4-buis van minstens 4 kN/m². Uit metingen die Wavin beschrijft blijkt dat SN4 in bijna alle situaties bruikbaar is, en dat de manier van aanvullen en verdichten meer uitmaakt dan de buisklasse. SN8 kies je voor extra zekerheid, zoals bij slecht te verdichten grond of straatriolering, of omdat je gemeente het voorschrijft. Kijk dus altijd eerst wat de gemeente vraagt.
Wat betekent SN bij een PVC-rioolbuis?
SN is de nominale stijfheidsklasse. Wavin legt uit hoe die wordt bepaald: je drukt de buis met een vaste snelheid in tot 3% van de binnendiameter en rekent de kracht die daarvoor nodig is om naar ringstijfheid. Een SN8-buis haalt minstens 8 kN/m². Het getal achter SN is dus de ringstijfheid in kN/m²; SN4 staat voor minstens 4 kN/m².
Naast SN zie je vaak SDR staan. Volgens Dyka is SDR de verhouding tussen buitendiameter en wanddikte. Bij PVC-buitenriolering hoort SN4 bij SDR 41 en SN8 bij SDR 34. De buitendiameter is gelijk, het verschil zit in de wand. Hieronder de wanddiktes uit de technische fiches van Wavin:
| Buitendiameter | Wanddikte SN4 | Wanddikte SN8 |
| 110 mm | 3,2 mm | 3,2 mm |
| 125 mm | 3,2 mm | 3,7 mm |
| 160 mm | 4,0 mm | 4,7 mm |
| 200 mm | 4,9 mm | 5,9 mm |
| 250 mm | 6,2 mm | 7,3 mm |
| 315 mm | 7,7 mm | 9,2 mm |
Reken zo: SDR is buitendiameter gedeeld door wanddikte. 160 / 4,7 = 34, dat is SN8. 110 / 3,2 = 34, en daarom geldt een 110 mm buis met 3,2 mm wand zowel als SN4 als SN8. Wavin en Dyka vermelden dat ook zo in hun documentatie.
Wat bepaalt hoeveel een rioolbuis vervormt?
Een PVC-buis is flexibel. Ligt hij in de grond, dan geeft hij een beetje mee als de grond ernaast inklinkt. Wavin beschrijft in zijn technische catalogus metingen aan kilometers bestaand PVC-riool, waarvan 10.000 meter onder toezicht van KOMO. De belangrijkste uitkomsten:
- De manier van aanvullen (de aanvulgroep) heeft meer invloed op de vervorming dan alle andere factoren.
- De buisklasse maakt vooral verschil tijdens het aanvullen van de sleuf. Daarna hangt de vervorming nauwelijks van de klasse af.
- Verkeer is merkbaar tot ongeveer 1 meter gronddekking. Bij 1 tot 1,5 meter dekking is de invloed nagenoeg te verwaarlozen, boven 1,5 meter niet aan te tonen.
- De gemiddelde vervorming van SN4- en SN8-buizen bleef onder 8%, de grootste onder 12%. Functieverlies kan pas ontstaan bij 30 tot 35%. Internationaal geldt 10 tot 15% vervorming op lange termijn als toelaatbaar (CEN/TS 15223).
Wavin deelt de manier van aanleggen in drie aanvulgroepen in:
| Aanvulgroep | Hoe de buis is gelegd en aangevuld |
| A | Vlakke, losgemaakte sleufbodem, buis goed ondersteund, grond naast en tot 30 cm boven de buis in lagen verdicht |
| B | Redelijk vlakke bodem, ondersteuning onregelmatig, grond naast de buis niet gericht verdicht |
| C | Bodem niet vlak, buis plaatselijk vastgelegd, aanvulling ruw en niet of nauwelijks verdicht |
Wanneer kies je SN4 en wanneer SN8?
Op basis van de metingen komt Wavin tot dit advies:
- SN4 is in bijna alle omstandigheden toepasbaar, ook bij aanvulgroep C. Bij verdichtbare grond (zand, kleiig zand, gemengde grond) en aanvulgroep B kan SN4.
- SN8 geeft extra zekerheid als je rekening houdt met aanvulgroep C, met een ondergrond die anders reageert dan verwacht, of met onnauwkeurigheden bij de aanleg. Volgens Wavin wordt daarom vaak voor SN8 gekozen.
- Straatriolering: Dyka noemt SN8 (SDR 34) voor straatriolering.
- Kosten: Wavin wijst erop dat de keuze ook economisch is: de prijs van de buis tegenover de kosten van zorgvuldig leggen.
Daarnaast kan de gemeente een klasse voorschrijven voor de aansluiting op het openbare riool. De voorwaarden van de gemeente Hollands Kroon (2016) vragen bijvoorbeeld SN8 voor zowel de vuilwater- als de hemelwaterleiding. Welke regels voor jouw werk gelden, staat in de aansluitvoorwaarden of verordening van je eigen gemeente.
Je vindt beide klassen bij MW: PVC-buizen SN4 en PVC-buizen SN8, met de bijbehorende PVC-hulpstukken.
KOMO-keur voor PVC-buitenriolering
Voor PVC-buizen en hulpstukken voor buitenriolering onder vrij verval bestaat in Nederland een KOMO-productcertificaat op basis van beoordelingsrichtlijn BRL 52200 (versie 2023). De producteisen komen uit de Europese norm NEN-EN 1401-1. Een fabrikant krijgt het certificaat pas na een toelatingsonderzoek met een bedrijfsaudit en laboratoriumtesten. Daarna controleert de certificatie-instelling regelmatig het kwaliteitssysteem.
Een paar punten uit BRL 52200 die handig zijn om te weten:
- Alleen SN4, SN8 en SN16. Vanwege de Nederlandse bodem en manier van aanleggen worden onder KOMO alleen SN4 (SDR 41), SN8 (SDR 34) en SN16 (SDR 27,6) gecertificeerd. In de Belgische catalogus van Dyka staan onder dezelfde Europese norm ook lichtere SN2-buizen.
- UD voor 110 tot 200 mm. Buizen en hulpstukken van 110 tot en met 200 mm moeten voldoen aan de eisen voor toepassingscode UD. Volgens Dyka betekent UD: ondergronds, zowel binnen als buiten het gebouw. Code U is ondergronds vanaf 1 meter buiten het gebouw.
- Kleur. KOMO-producten onder deze richtlijn zijn ongeveer stofgrijs (RAL 7037) of oranjebruin (RAL 8023).
Welke kleur rioolbuis gebruik je?
Een landelijke kleurregel per soort water vonden we niet. Wel maken gemeenten eigen afspraken, en hebben fabrikanten een vaste kleurkeuze. Twee voorbeelden:
- Hollands Kroon (2016): vuilwater (DWA) roodbruin RAL 8023, hemelwater (HWA) grijs RAL 7037.
- In België gebruiken Wavin en Dyka grijs voor regenwater en roodbruin voor vuilwater; Dyka noemt grijs ook voor gemengde leidingen.
Vraag dus bij de gemeente na welke kleur zij voor het perceel en de aansluiting willen. Leg je ook putten aan, kijk dan bij inspectieputten of het hele aanbod buitenriolering.
Veelgestelde vragen
Wat betekent SN8 bij een rioolbuis? SN8 betekent een ringstijfheid van minstens 8 kN/m². Bij PVC-buitenriolering hoort SN8 bij SDR 34: de buitendiameter is 34 keer de wanddikte.
Is een SN4-buis sterk genoeg onder een oprit of weg? Volgens de metingen in de Wavin-catalogus is SN4 in bijna alle omstandigheden toepasbaar en speelt verkeer vooral bij minder dan 1 meter gronddekking. Goed aanvullen en verdichten weegt het zwaarst. Wil je extra zekerheid, of schrijft de gemeente het voor, kies dan SN8.
Is een 110 mm SN4-buis anders dan een SN8-buis? Bij Wavin en Dyka niet: beide hebben bij 110 mm een wand van 3,2 mm en de buis geldt als SN4 en SN8.
Heeft een KOMO-rioolbuis een vaste kleur? Onder BRL 52200 zijn KOMO-buizen ongeveer stofgrijs (RAL 7037) of oranjebruin (RAL 8023). Welke kleur waarvoor, bepaalt de gemeente.
Bronnen
- Wavin, Technische catalogus Straatriolering (België, 2012)
- Wavin, technische fiche PVC rioolbuis SN4
- Wavin, technische fiche PVC rioolbuis SN8
- Wavin, productblad Vollwandrohr KG SN 8
- Dyka, catalogus H01 2026 (België)
- Kiwa, BRL 52200 Kunststof leidingsystemen voor vrij verval buitenriolering, PVC-U (2023)
- Kiwa, uitleg certificering BRL 52200
- Gemeente Hollands Kroon, Voorwaarden rioolaansluiting 2016
Lees ook
Reacties
Nog geen reacties. Zeg gerust iets.